Over de drempel van wereld naar loge – De innerlijke reis van Jake Baddeley

Geschreven door Hans Middendorp

Keuze van de redactie

Het werk van Jake Baddeley (1964) zit vol met verborgen verwijzingen naar esoterische symboliek van vrijmetselarij, gnostiek en rozenkruisers. Het is visuele alchemie, een oefening in de sublimatie van uiteenlopende culturele invloeden. Als een alchemist die uit onedele metalen de steen der wijzen maakt, zo benut Baddeley oersymbolen van de Grieks-Romeinse mythologie. Zijn schilderijen glinsteren met een etherische luminescentie.

Baddeley: “Ik heb mezelf nooit als spiritueel beschouwd. Je leert dingen in het leven, je ontwikkelt jezelf en je verandert. Achteraf gezien is mijn leven een spirituele reis, maar dat wist ik toen nog niet. Mijn werk is een verslag van die reis. Mijn rol als beeldend kunstenaar voelt voor mij verwant met bijvoorbeeld de sjamaan, de paranormaal begaafde, of de mysticus. De beelden in mijn werk zijn metaforen en verschijnen op dezelfde manier als beelden in dromen.”

En elders: “Hoewel ik meestal in een droomachtige toestand schets en kritiekloos volg waar de compositie me naartoe leidt, is het vaak interessant en verhelderend om het beeld, nadat het schilderij voltooid is, te interpreteren alsof je een droom interpreteert. Dan komen er vaak verrassende samenhangende betekenissen naar voren waarvan ik me niet bewust was en die niet bewust bedoeld waren.”

In zijn Artist Statement schrijft Baddeley: “Mijn schilderijen zijn doordrongen van de etherische gloed van verbeelding, de essentie van waarheid. De landschappen die ik creëer, komen voort uit de diepten van mijn dromen, en zijn doordrenkt met dezelfde helderheid. Mijn schilderijen roepen emoties op, brengen stemmingen over en doen ideeën ontstaan. De voorstellingen baden in het nostalgische licht van verre herinneringen, of het betoverende licht van de magische tuinen uit mijn kindertijd…”

Zelf is Baddeley geen vrijmetselaar, maar het viel hem wel op dat veel kopers van zijn werk vrijmetselaar of rozenkruiser zijn. “Ik schilder wat ik zie in mijn hoofd, vaak weet ik zelf ook niet waarom. Ik weet ook niet wat alles in mijn schilderijen betekent. Zo komt bijvoorbeeld de geblokte vloer steeds terug in mijn schilderijen”.⁴

Baddeley omschrijft zijn stijl als Onderbewust Realisme (‘Subconscious Realism’). Hij gebruikt symbolen zoals de zon en de maan, geometrische patronen en klassieke figuren om de verbinding tussen de menselijke geest en het universum te verkennen. Zijn schilderijenserie ‘Zodiac’ is daarvan een sprekend voorbeeld; en in esoterische kringen is de set tarotkaarten van Baddeley zeer bekend.

James Campbell leerde ons dat een mythe de geheime deur is waardoor de kosmos zich manifesteert in de verschillende menselijke culturen. Volgens Campbell wisten de oude wijzen en profeten precies waar ze het over hadden in hun vertellingen. Als wij eenmaal hun symbolische taal kunnen herkennen, zal blijken dat elk mythisch avontuur opgevat kan worden als een reis met beproevingen. Zodra de held de drempel overstapt, komt hij/zij in een merkwaardig, bovennatuurlijk droomlandschap. Hij moet een reeks van testen doorstaan, waardoor hij een transformatie ondergaat en met een nieuw inzicht terugkeert naar de normale wereld.

Overgang van profane wereld naar maçonnieke beleving
Dit thema van inwijding vind je overal terug in de wereldliteratuur. En dus ook in het werk van Baddeley. Zijn Treshold III (hierboven afgebeeld) toont de inwijdeling als een jonge vrouw. Als symbolische ‘maagd’ is zij puur en onbezoedeld, wat vrijmetselaars symboliseren met hun witte handschoenen en witte schootsvellen. Door de blinddoek weet de toeschouwer dat ze op het punt staat om te worden aangenomen. De blinddoek richt de blik van de kandidaat naar binnen, indachtig het adagium ‘Ken uzelve’. Naar de Engelse traditie is de kleding van de kandidaat in het schilderij gescheurd. Haar ingesnoerde borst verwijst naar het beteugelen van de hartstochten. De scherpe scheiding tussen het wit en blauw van haar kleren verwijst volgens Baddeley naar de transitie die zij op het punt staat om te ondergaan. Voor vrijmetselaars verwijst het naar de overgang van onschuld naar de drie blauwe graden. Van de profane wereld in het Westen gaat de kandidaat naar de maçonnieke wereld in het Oosten. Zij komt uit duisternis en zoekt het licht. De drempel vormt de symbolische grens tussen de profane wereld en de maçonnieke sfeer.

Baddeley zelf zegt over Treshold III: “Ik zie de drempel in dit werk als een grens, een barrière waar de vrouwelijke figuur doorheen beweegt. De vleugels in Da Vinci-stijl achter haar verwijzen naar het zaadje van vrijheid. Maar de vleugels zijn nog niet uitgekristalliseerd tot hun volledige vorm. De dromer – want ze slaapt inderdaad, blind voor het licht van buitenaf – kan niet lezen. De symbolen suggereren daarom betekenis, maar blijven obscuur. Ze heeft de sleutel om de drempel over te steken en volgt het lint, de leidraad naar de andere wereld. Haar aureool – in de vorm van de vesica piscis – is een doorgang die we allemaal moeten gaan.”

Het lint met de onleesbare tekens verwijst naar de verborgen symboliek van de vrijmetselarij. Het lint is ook haar ‘geleider’ op haar reis, de weg naar het licht, die voert van A. naar b. De twee cirkels als halo achter haar hoofd kunnen een christelijk symbool zijn, maar verwijzen ook naar de toegangspoort tot onze innerlijke tempel. De trap doet denken aan de trap met de zeven treden, waarvan de leerling drie, de gezel vijf en de meester zeven treden heeft beklommen, naar een toenemend niveau van maçonniek bewustzijn. Onder de trap voert een gang terug de duisternis in. De zwart-wit geblokte vloer symboliseert de dualiteit van het leven: orde en chaos, goed en kwaad, vreugde en verdriet. De sleutel staat in de vrijmetselarij symbool voor toegang tot verborgen kennis. De sleutel opent ook de innerlijke deur naar het hart van jezelf en naar de harten van anderen.

Met dit alles is Treshold III onmiskenbaar maçonniek geladen. Het schilderij toont het meest-belangrijke moment in de loopbaan van iedere vrijmetselaar: de stap over de drempel van de profane wereld naar de maçonnieke beleving. Met deze eerste stap is er geen weg meer terug. “Thans is gesloten het verbond voor gans uw leven!” zal de voorzittend meester zo dadelijk zeggen. Een nieuwe schakel aan de broederketen, die de ganse aardbol omspant.

Ook in Treshold II zien we ook een geblinddoekte jonge vrouw, die van de geblokte vloer naar het hemelse licht gaat. Haar reis gaat van A. naar B. en C. Ze loopt op haar tenen, ze zweeft bijna. Haar jurk fladdert om haar heen, is niet gescheurd. Op haar rug zit ook een vleugel bevestigd met een integrerend mechaniek. Er zit een lint voor haar ogen, maar ze kan er doorheen kijken. Ze heeft een masker, als teken van haar verschillende personae. In haar hand houdt ze het schaakstuk paard.

Misschien maakt ze zo dadelijk een paardensprong, één naar voren – twee naar rechts, van de geblokte vloer naar de mysterieuze luchten aan de andere kant van de drempel.

Schilderijen als dromen uit een diepere werkelijkheid

Op internet kon ik Treshold I niet vinden. Wel enkele andere schilderijen in het oeuvre van Baddeley die overeenkomsten hebben met Treshold II en III, zoals Sleep walking (2008) en Keys of Knowledge (Hidden Door) (geen datum). Sleep walking toont een dwalende jonge vrouw aan het begin van een labyrint van trappen. Ze zoekt op de tast naar het licht, alsof ze slaapwandelt. Zal zij het licht vinden?


‘Sleutels van Kennis’ (‘Hidden Door’), geen datum.

In Keys of Knowledge (Hidden Door) probeert een jonge vrouw een verborgen deur te openen. Er is wel een slot, maar de deur zien we niet. Ze heeft geen blinddoek voor. Wel heeft ze een soort vleugels of gewei op haar rug, waar allemaal sleutels aan hangen.

‘Sleep walking’ (2008).

De symboliek van Baddeley kan zowel maçonniek als volgens de gnostiek en de leer van de rozenkruisers (AMORC) worden geïnterpreteerd. In de maçonnieke traditie symboliseert het licht een mengeling van wijsheid, ratio en ethiek. In de gnostiek gaat het om de goddelijke vonk in onszelf, wat overigens ook aansluit bij de tweede graad van de vrijmetselarij. Bij de rozenkruisers staat het licht symbool voor het geestelijk ontwaken. Esoterisch liggen deze drie interpretaties dicht bij elkaar.

De drempel symboliseert de overgang van de profane naar de maçonnieke wereld. In de gnostiek is het de overgang van kosmos naar pleroma, en bij de rozenkruisers de overgang van de uiterlijke naar de innerlijke tempel. Het pleroma (Grieks: volheid) is een theologische term uit de gnostiek, die de totaliteit van de goddelijke krachten, goddelijke eigenschappen en de geestelijke wereld aanduidt, als tegenhanger van de kenoma, de materiële wereld (Grieks: leegte). In het Nieuwe Testament verwijst pleroma naar de volheid van God in Christus.

De trap kun je met enige fantasie ook beschouwen als de Jacobsladder uit de Engelse eerste graad (Gen. 28:12). In de Engelse vrijmetselarij bestijgt de leerling die ladder naar de hemel met op elke sport een deugd of een innerlijke kwaliteit. In de gnostiek verwijst de trap naar de opstijging van de mens voorbij de Archonten, de hemelse helpers van de Demiurg. Bij de rozenkruisers symboliseert de trap een alchemistische transformatie tot ‘Hemelse Mens’.

De blinddoek staat in de vrijmetselarij voor onwetendheid en ‘het zoeken naar licht’, en voor de blik naar binnen. In de gnostiek symboliseert de blinddoek dat de wereld die wij waarnemen een illusie is. In sommige hogere graden heeft de sluier eenzelfde symbolische betekenis. In de alchemie van de rozenkruisers verwijst de blinddoek naar de ‘onbewuste staat’ van de inwijdeling.

Ontdek meer

Bekijk ook deze artikelen

Praktische bouwkunst: Een leven lang leren

Praktische bouwkunst: Een leven lang leren

Het is rond 1962. De pater die godsdienst en maatschappijleer geeft op mijn Haagse UTS besteedt een vol uur aan het boek ‘Vrijmetselarij, De Grote Onbekende’ van M. Dierickx SJ en raadt ons aan dat...

Praktische bouwkunst: Een leven lang leren

Praktische bouwkunst: Een leven lang leren

Het is rond 1962. De pater die godsdienst en maatschappijleer geeft op mijn Haagse UTS besteedt een vol uur aan het boek ‘Vrijmetselarij, De Grote Onbekende’ van M. Dierickx SJ en raadt ons aan dat...